Vereniging
van Eigenaars 90 woningen Spinozalaan te Voorburg
Modelreglement
Gebouw 's-Gravenloo
Spinozalaan 3540
2273 XC Voorburg
Index op het reglement
Modelreglement bij splitsing in appartementsrechten van de
Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie, versie 1992, zoals en voor zover
toepasselijk bepaald in de akte.
Inhoud
| A. |
Definities |
| B. |
Aandelen die door de splitsing ontstaan [...] |
| C. |
Schulden en kosten voor rekening van de gezamenlijke eigenaars |
| D. |
Jaarlijkse exploitatierekening, begroting en te storten bijdragen |
| E. |
Verzekeringen |
| F. |
Gebruik, beheer en onderhoud van de gemeenschappelijke gedeelten en de
gemeenschappelijke zaken |
| G. |
Gebruik, beheer en onderhoud van de privégedeelten |
| H. |
Het in gebruik geven door een eigenaar van zijn privégedeelte aan een gebruiker |
| I. |
Ontzegging van het gebruik van privégedeelten |
| J. |
Vervreemding van een appartementsrecht |
| K. |
Overtredingen |
| L. |
Oprichting en vaststelling van de statuten van de vereniging van eigenaars |
| M. |
Huishoudelijk reglement |
| N. |
Slotbepaling |
| Colofon |
A. Definities
Artikel 1
In het reglement wordt verstaan onder:
- akte: de akte van splitsing;
- gebouw: het gebouw of de gebouwen dat/die in de splitsing is/zijn betrokken;
- eigenaar: de gerechtigde tot een appartementsrecht, als bedoeld in artikel
5:106 vierde lid van het Burgerlijk Wetboek;
- gemeenschappelijke gedeelten: die gedeelten van het gebouw alsmede de
daarbij behorende grond die blijkens de akte niet bestemd zijn of worden om als
afzonderlijk geheel te worden gebruikt;
- gemeenschappelijke zaken: alle zaken die bestemd zijn of worden om door alle
eigenaars of een bepaalde groep van eigenaars gebruikt te worden voor zover niet vallende
onder d;
- privégedeelte: het gedeelte of de gedeelten van het gebouw en de daarbij
behorende grond dat/die blijkens de akte bestemd is/zijn of wordt/worden om als
afzonderlijk geheel te worden gebruikt;
- gebruiker: degene die het gebruik heeft als bedoeld in artikel 5:120
van het Burgerlijk Wetboek;
- vereniging: de vereniging van eigenaars als bedoeld in artikel 5:112
eerste lid onder e van het Burgerlijk Wetboek;
- vergadering: de vergadering van eigenaars als bedoeld in artikel 5:112
tweede lid onder d van het Burgerlijk Wetboek;
- bestuur: het bestuur van de vereniging als bedoeld in artikel 5:131 van
het Burgerlijk Wetboek, gevormd door één of meer bestuurders;
- ondersplitsing: de splitsing in appartementsrechten als bedoeld in artikel
5:106 tweede lid van het Burgerlijk Wetboek. De daarbij ontstane appartementsrechten
worden als "onderappartementsrechten" aangeduid en de eigenaar van een zodanig
appartementsrecht als "ondereigenaar".
[Zie ook artikel 1 van het huishoudelijk
reglement]
B. Aandelen die door de splitsing ontstaan en aandelen in de
verplichting tot het bijdragen in de schulden en kosten die voor rekening van de
gezamenlijke eigenaars zijn
Artikel 2
- Ieder der eigenaars is in de gemeenschap gerechtigd voor het nader in [artikel 1 van] de akte te bepalen breukdeel.
- De eigenaars zijn voor de in het eerste lid bedoelde breukdelen gerechtigd tot de
gemeenschappelijke baten.
- De eigenaars zijn voor de in het eerste lid bedoelde breukdelen verplicht bij te dragen
in de schulden en kosten, die voor rekening van de gezamenlijke eigenaars zijn.
- Ingeval van ondersplitsing gelden de rechten en verplichtingen van de eigenaar van het
in de ondersplitsing betrokken appartementsrecht als rechten en verplichtingen van de
ondereigenaars gezamenlijk in overeenstemming met de bepalingen die vastgesteld zijn bij
het reglement van ondersplitsing.
C. Schulden en kosten voor rekening van de gezamenlijke
eigenaars
Artikel 3
Tot de schulden en kosten als bedoeld in artikel 5:112 eerste lid onder a van het
Burgerlijk Wetboek worden gerekend:
- die welke gemaakt zijn in verband met het onderhoud of het gebruik van de
gemeenschappelijke gedeelten of van de gemeenschappelijke zaken of tot het behoud daarvan;
- die welke verband houden met noodzakelijke herstellingswerkzaamheden en vernieuwingen
van de gemeenschappelijke gedeelten en de gemeenschappelijke zaken, voor zover die
ingevolge het reglement of een rechterlijke beslissing als bedoeld in artikel 5:121
van het Burgerlijk Wetboek niet ten laste komen van bepaalde eigenaars, en voor zover die
niet vallen onder a;
- de schulden en kosten van de vereniging;
- het bedrag van de schadevergoeding door de gezamenlijke eigenaars als zodanig
verschuldigd aan één van hen of een derde;
- de gerechtelijke en buitengerechtelijke kosten verbonden aan het optreden als eiser of
als verweerder door of namens de gezamenlijke eigenaars, onverminderd het bepaalde in artikel 6 derde lid;
- de premies verschuldigd uit hoofde van de verzekeringen, die door het reglement zijn
voorgeschreven of waartoe ingevolge artikel 8 door de
vergadering is besloten;
- de verschuldigde publiekrechtelijke lasten voor zover geen aanslag is opgelegd aan de
afzonderlijke eigenaars;
- [zie artikel 2 van de akte];
- de kosten van het waterverbruik door de eigenaar van een appartementsrecht voor zover de
eigenaars daarvoor niet afzonderlijk worden aangeslagen;
- alle overige schulden en kosten, gemaakt in het belang van de gezamenlijke eigenaars als
zodanig.
D. Jaarlijkse exploitatierekening, begroting en te storten
bijdragen
Artikel 4
- Na afloop van elk boekjaar, dat gelijk is aan het kalenderjaar, wordt door het bestuur
een exploitatierekening over dat boekjaar opgesteld en ter vaststelling aan de jaarlijkse
vergadering voorgelegd. Deze exploitatierekening omvat enerzijds de baten en anderzijds de
lasten over dat boekjaar, waaronder begrepen een naar tijdsduur evenredig gedeelte van de
te begroten onderhoudskosten die op meer jaren betrekking hebben, inbegrepen noodzakelijke
vernieuwingen. Zo tot vorming van een reservefonds als bedoeld in artikel 32
eerste lid is besloten, wordt onder de lasten begrepen een telkenjare door de vergadering
vast te stellen bedrag ten behoeve van een zodanig reservefonds. [Zie ook artikel 25 van het huishoudelijk reglement en artikel 3 van de akte]
- Op grond van de vastgestelde exploitatierekening worden de definitieve bijdragen van de
eigenaars door het bestuur met inachtneming van de verhouding als is bepaald in artikel 2 derde lid vastgesteld, met dien verstande dat de
definitieve bijdragen in de plaats treden van de in artikel 5
tweede lid bedoelde voorschotbijdragen en dat hetgeen als voorschotbijdragen is betaald in
mindering wordt gebracht.
- Indien over enig boekjaar de voorschotbijdragen, als bedoeld in artikel
5 tweede lid, de definitieve bijdragen te boven gaan, zal het verschil aan de
eigenaars worden terugbetaald, tenzij de vergadering anders besluit.
- Indien over enig boekjaar de definitieve bijdragen de voorschotbijdragen te boven gaan,
moeten de eigenaars dit tekort binnen een maand na de vaststelling van de
exploitatierekening aanzuiveren.
- Ingeval van ondersplitsing dient het boekjaar van de vereniging van ondereigenaars
gelijk te zijn aan het boekjaar als bedoeld in het eerste lid.
Artikel 5
- Van de gezamenlijke schulden en kosten waaronder begrepen een naar tijdsduur
evenredig gedeelte van de te begroten kosten als bedoeld in artikel 4
eerste lid wordt jaarlijks door het bestuur een begroting voor het aangevangen of
het komende boekjaar ontworpen en aan de jaarlijkse vergadering voorgelegd. Deze
vergadering stelt de begroting vast.
- Bij het vaststellen van de begroting bepaalt de vergadering tevens het bedrag, dat bij
wijze van voorschotbijdragen door de eigenaars verschuldigd is, alsmede het aandeel van
iedere eigenaar daarin, vastgesteld met inachtneming van de verhouding als is bepaald in artikel 2 derde lid. De eigenaars zijn verplicht met ingang
van een door het bestuur te bepalen datum maandelijks één/twaalfde van het bedoelde
aandeel aan de vereniging te voldoen.
- [Zie artikel 4 van de akte; zie ook
artikel 4 van het huishoudelijk reglement]
Artikel 6
- Indien een eigenaar het ingevolge artikel 4 en/of artikel 5 door hem aan de vereniging verschuldigde bedrag niet
binnen een maand, nadat het bedrag opeisbaar is geworden, aan de vereniging heeft voldaan,
is hij zonder dat enige ingebrekestelling is vereist in verzuim en is hij over dat bedrag,
van de datum van opeisbaarheid af, een rente verschuldigd, berekend op basis van de
wettelijke rente ten tijde van de dag van opeisbaarheid verhoogd met twee punten, met een
minimum van tien gulden [gewijzigd in vijf euro ( 5,) bij artikel 23 lid a van het huishoudelijk reglement]
of zoveel meer als de vergadering telkenjare mocht vaststellen. Het bestuur is bevoegd dit
bedrag te matigen. Artikel 29 is niet van toepassing.
- Indien een eigenaar het bedrag van zijn definitieve bijdrage niet binnen zes maanden na
verloop van de termijn als bedoeld in artikel 4 vierde lid
heeft voldaan, wordt zijn schuld omgeslagen over de andere eigenaars in de onderlinge
verhouding als is bepaald in artikel 2 derde lid [zie artikel 5 van de akte], ongeacht de maatregelen
die jegens de nalatige eigenaar kunnen worden genomen en onverminderd recht van verhaal
van de andere eigenaars op eerstgenoemde.
- Een eigenaar is verplicht alle door de vereniging gemaakte kosten, die van rechtskundige
bijstand daaronder begrepen, voor het verhalen van het door die eigenaar aan de vereniging
verschuldigde, zowel in als buiten rechte, aan de vereniging te vergoeden. [Zie artikel 6 van de akte]
Artikel 7
- Voor het geval een appartementsrecht behoort tot een gemeenschap, zijn de deelgenoten
hoofdelijk aansprakelijk voor de verplichtingen, die uit de gerechtigdheid tot dat
appartementsrecht voortvloeien, tenzij de onverdeeldheid het gevolg is van een
ondersplitsing.
- Ingeval van ondersplitsing zijn de eigenaars van de onderappartementsrechten gezamenlijk
aansprakelijk voor de nakoming van de verplichtingen die uit de gerechtigdheid tot het in
de ondersplitsing betrokken appartementsrecht voortvloeien, voor zover in dit reglement
niet anders bepaald.
E. Verzekeringen
Artikel 8
- Het bestuur zal het gebouw verzekeren bij één of meer door de vergadering aan te
wijzen verzekeraars tegen water-, storm-, brand- en ontploffingsschade en zal tevens een
verzekering afsluiten voor de wettelijke aansprakelijkheid, die kan ontstaan voor de
vereniging en voor de eigenaars als zodanig. Voorts zal de vergadering bevoegd zijn te
besluiten tot het aangaan van verzekeringen tegen andere gevaren of tegen de wettelijke
aansprakelijkheid van een bestuurder.
- Het bedrag der verzekeringen wordt vastgesteld door de vergadering; het zal wat de
brandverzekering betreft moeten overeenstemmen met de herbouwkosten van het gebouw; de
vraag, of deze overeenstemming bestaat, zal periodiek gecontroleerd moeten worden in
overleg met de verzekeraar. [Zie artikel 7 van
de akte]
- Verzekeringsovereenkomsten worden door het bestuur afgesloten ten name van de vereniging
en de gezamenlijke eigenaars. Het is daartoe, voor zover het betreft de in de eerste zin
van het eerste lid bedoelde verzekeringen, slechts bevoegd indien het bepaalde in het
vijfde lid wordt nageleefd.
- De eigenaars verbinden zich de uit hoofde van de verzekeringsovereenkomsten als bedoeld
in de eerste zin van het eerste lid uit te keren schadepenningen, indien deze een bedrag
gelijk aan één procent van de verzekerde waarde van het gebouw te boven gaan, te doen
plaatsen op een voor de financiering van het herstel van de schade krachtens besluit van
de vergadering door het bestuur te openen afzonderlijke rekening ten name van de
vereniging, die de op deze rekening gestorte gelden zal houden voor de eigenaars. Ten
aanzien van de op deze rekening te storten gelden is artikel 32
derde tot en met vijfde lid van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de
gelden steeds bestemd moeten blijven voor het herstel of de wederopbouw, onverminderd
artikel 5:136 vierde lid van het Burgerlijk Wetboek. In geval van toepassing van het
bepaalde in laatstgenoemde artikel zal, indien een eigenaar zich heeft schuldig
gemaakt aan een daad of verzuim, welke krachtens de wet of de verzekeringsvoorwaarden
gehele of gedeeltelijke ongehoudenheid van de verzekeraar tot uitkering van de
schadepenningen tot gevolg zou hebben, de uitkering van het aandeel van de desbetreffende
eigenaar dienen te geschieden aan de verzekeraar.
- Het bestuur dient ervoor te zorgen, dat de verzekeringsovereenkomsten als bedoeld in de
eerste zin van het eerste lid de volgende clausule bevatten:
Zolang de eigendom van het hierbij verzekerde gebouw gesplitst is in
appartementsrechten, gelden de volgende aanvullende voorwaarden. Een daad of verzuim van
een eigenaar, welke krachtens de wet of de verzekeringsvoorwaarden gehele of gedeeltelijke
ongehoudenheid van ondergetekenden tot uitkering van de schadepenningen tot gevolg zou
hebben, laat de uit deze polis voortvloeiende rechten onverlet. Niettemin zullen de
ondergetekenden in zodanig geval gerechtigd zijn, mits zij voor de uitkering de wens
daartoe te kennen hebben gegeven, een aandeel in de schadepenningen overeenkomende met het
aandeel waarin de desbetreffende eigenaar in de gemeenschap gerechtigd is, van deze terug
te vorderen. Ingeval van toepassing van artikel 5:136 vierde lid van het Burgerlijk
Wetboek zal de uitkering van het aandeel in bedoeld geval in plaats van aan de eigenaar
geschieden aan de ondergetekenden. Gaat de verschuldigde uitkering een bedrag van
tweeduizend vijfhonderd gulden [gewijzigd in twaalfhonderd euro
( 1200,) bij artikel 23 lid b
van het huishoudelijk reglement] te boven, dan geschiedt zij op de wijze te
bepalen door de vergadering van eigenaars, zulks blijkende uit een door de voorzitter
gewaarmerkt afschrift van de notulen der vergadering. Door uitkering overeenkomstig de
voorwaarden dezer polis zullen ondergetekenden tegenover alle belanghebbenden volledig
zijn gekweten..
- In geval door de vergadering besloten wordt tot herstel of herbouw, is het bepaalde in
artikel 5:136 tweede tot en met vierde lid van het Burgerlijk Wetboek en
artikel 5:138 van het Burgerlijk Wetboek van toepassing, met dien verstande dat
uitkering van het aan iedere eigenaar toekomende aandeel in de schadepenningen aan deze
slechts zal kunnen geschieden met toestemming van degenen die op het desbetreffende
appartementsrecht een recht van hypotheek hebben.
- Indien de schadepenningen niet toereikend blijken te zijn voor herstel of herbouw,
draagt iedere eigenaar bij in het tekort, in de verhouding als is bepaald in artikel 2 derde lid, onverminderd het verhaal op degene die
voor de schade aansprakelijk is.
- Iedere eigenaar is bevoegd een aanvullende verzekering te sluiten. In het geval bedoeld
in artikel 5:119 tweede lid van het Burgerlijk Wetboek is het bestuur tot het sluiten
van een aanvullende verzekering verplicht.
- Leidt het gebruik van een privégedeelte tot verhoging van de verzekeringspremie, dan
komt die verhoging voor rekening van de desbetreffende eigenaar. [Zie ook artikel 20 van het huishoudelijk reglement]
F. Gebruik, beheer en onderhoud van de gemeenschappelijke
gedeelten en de gemeenschappelijke zaken
Artikel 9
- Tot de gemeenschappelijke gedeelten en gemeenschappelijke zaken worden onder meer
gerekend, voor zover aanwezig:
- de funderingen, de dragende muren en de kolommen, het geraamte van het gebouw met de
ondergrond, het ruwe metselwerk, alsmede de vloeren met uitzondering van de afwerklagen in
de privégedeelten, de buitengevels, waaronder begrepen de raamkozijnen met glas, de
deuren welke zich in de buitengevel bevinden of de scheiding vormen tussen het
gemeenschappelijk en het privégedeelte, de balkonconstructies, de borstweringen, de
galerijen, de terrassen en de gangen, de daken, de schoorstenen en de ventilatiekanalen,
de trappenhuizen en de hellingbanen, het hek- en traliewerk voor zover het geen privé
tuinafscheidingen betreft, alsmede het (standaard) hang- en sluitwerk aan kozijnen welke
aan de buitengevel van het gebouw zitten;
- de technische installaties met de daarbij behorende leidingen, met name voor de centrale
verwarming (met inbegrip van de radiatoren en radiatorkranen in de privégedeelten) en
voor luchtbehandeling, de vuilafvoer, de leidingen voor de afvoer van hemelwater en de
riolering, de leidingen voor gas en water en verder de hydrofoor, de elektriciteits- en
telefoonleidingen, de gemeenschappelijke antenne, de bliksembeveiliging, de liften, de
alarminstallatie en de systemen voor oproep en deuropeners, alles voor zover die
installaties niet uitsluitend ten dienste van één privégedeelte strekken.
- Het is een eigenaar of gebruiker zonder toestemming van de vergadering niet toegestaan
veranderingen aan te brengen in de gemeenschappelijke gedeelten en de gemeenschappelijke
zaken, ook als deze zich in de privégedeelten bevinden.
Artikel 10
Indien er twijfel bestaat of een gedeelte van het gebouw of een zaak al dan niet tot de
gemeenschappelijke gedeelten en/of de gemeenschappelijke zaken behoort, wordt hierover
beslist door de vergadering.
Artikel 11
Iedere eigenaar en gebruiker heeft het gebruik van de gemeenschappelijke gedeelten en
de gemeenschappelijke zaken volgens de bestemming daarvan. Hij moet daarbij
in acht nemen het reglement, het eventuele huishoudelijk
reglement en de eventuele regels als bedoeld in artikel 5:128 van het Burgerlijk
Wetboek. Hij mag geen inbreuk maken op het recht van medegebruik van de andere eigenaars
en gebruikers.
Artikel 12
- Iedere eigenaar en gebruiker is verplicht zich te onthouden van luidruchtigheid, het
onnodig verblijf in de gemeenschappelijke gedeelten, voor zover deze niet voor het
verblijf voor korte of lange tijd bestemd zijn, en het plaatsen van voertuigen of andere
voorwerpen op plaatsen die hiervoor niet zijn bestemd.
- De wanden en/of plafonds van de gemeenschappelijke gedeelten mogen niet worden gebruikt
voor het ophangen van schilderijen of andere voorwerpen, en het aanbrengen van decoraties
en dergelijke. [Zie ook artikel 18 van het
huishoudelijk reglement]
- De vergadering kan tot de in het eerste en tweede lid genoemde handelingen toestemming
verlenen en een reeds verleende toestemming intrekken.
Artikel 13
- Iedere op-, aan- of onderbouw zonder toestemming van de vergadering is verboden.
- Het aanbrengen aan de buitenzijde van naamborden, reclame-aanduidingen, uithangborden,
zonneschermen [zie ook artikel 23 van de akte],
vlaggen, spandoeken, bloembakken, schijnwerpers en in het algemeen van uitstekende
voorwerpen, alsmede het hangen van wasgoed aan de buitenzijde van het gebouw mag slechts
geschieden met toestemming van de vergadering of volgens regels te bepalen in het
huishoudelijk reglement.
- De vergadering kan een reeds verleende toestemming intrekken.
- Iedere eigenaar en gebruiker is te allen tijde bevoegd en verplicht tot het nemen van
maatregelen, die strekken tot het afwenden van een voor de gemeenschappelijke gedeelten of
de gemeenschappelijke zaken onmiddellijk dreigend gevaar. Hij is alsdan verplicht het
bestuur onmiddellijk te waarschuwen.
Artikel 14
De eigenaars en gebruikers mogen zonder toestemming van de vergadering geen verandering
in het gebouw aanbrengen, waardoor het architectonisch uiterlijk of de constructie ervan
gewijzigd zou worden. De toestemming kan niet worden verleend indien de hechtheid van het
gebouw door de verandering in gevaar zou worden gebracht.
Artikel 15
De vereniging voert het beheer en draagt de zorg voor het onderhoud van de
gemeenschappelijke gedeelten en de gemeenschappelijke zaken en rechten. [Zie ook artikelen 2627 van het huishoudelijk reglement]
Artikel 16
Iedere eigenaar en gebruiker is tegenover de andere eigenaars en gebruikers
aansprakelijk voor de schade toegebracht aan de gemeenschappelijke gedeelten en/of
gemeenschappelijke zaken en voor onredelijke hinder voor zover deze schade of hinder
veroorzaakt is door de schuld van hemzelf of van zijn huisgenoten of zijn personeel en hij
is verplicht voor zover dit redelijk is maatregelen te nemen of te dulden die de strekking
hebben bedoelde schade te voorkomen.
G. Gebruik, beheer en onderhoud van de privégedeelten
Artikel 17
- Iedere eigenaar en gebruiker heeft het recht op uitsluitend gebruik van zijn
privégedeelte, mits hij aan de andere eigenaars en gebruikers geen onredelijke hinder
toebrengt.
- Bij huishoudelijk reglement kan het gebruik van de privégedeelten nader geregeld
worden.
- Iedere eigenaar en gebruiker is verplicht bij het gebruik van het privégedeelte het
reglement en het huishoudelijk reglement in acht te nemen.
- Iedere eigenaar en gebruiker is verplicht het privégedeelte te gebruiken overeenkomstig
de daaraan nader in de akte gegeven bestemming. Een gebruik dat afwijkt van deze
bestemming is slechts geoorloofd met toestemming van de vergadering. De vergadering kan
bij het verlenen van de toestemming bepalen dat deze weer kan worden ingetrokken. In geval
van een zodanig afwijkend gebruik, is artikel 5:119 tweede lid van het Burgerlijk
Wetboek van toepassing. [Zie ook artikel 8 van
de akte en artikel 20 van het huishoudelijk reglement]
- [Vervangen door artikel 9 van de akte]
- De eigenaars en gebruikers mogen zonder toestemming van de vergadering geen
open vuur/haardinstallaties aanleggen. De toestemming van de vergadering kan
verbonden worden aan alsdan nader te omschrijven vereisten met betrekking tot
onder meer brandveiligheid, verzekering en bouwconstructie.
- In geval van ondersplitsing wordt het gebruik, beheer en onderhoud van de bij de
ondersplitsing betrokken zaken geregeld bij de ondersplitsing met inachtneming van de
bepalingen in dit reglement.
- [Zie artikel 10 van de akte]
- [Zie artikel 10 bis van de akte]
Artikel 18
- Iedere eigenaar en gebruiker is verplicht zijn privégedeelte behoorlijk te onderhouden.
Tot dat onderhoud behoort met name het schilder-, behang- en tegelwerk, het onderhoud van
de plafonds, de afwerklagen van vloeren en balkons, van het stucwerk en van deuren en
ramen (waaronder begrepen de reparatie en vervanging van hang- en sluitwerk), het
schoonhouden en ontstoppen van alle sanitair en leidingen met uitzondering van de
leidingen als bedoeld in artikel 9 lid 1 onder b, en het
schilderwerk van radiatoren. Voorts moet iedere eigenaar en gebruiker van de deuren en
raamkozijnen met glas als bedoeld in artikel 9 eerste lid
letter a die zijden die zich in gesloten toestand in het privégedeelte bevinden
behoorlijk onderhouden voor zover dit geen vernieuwing betreft.
- Iedere eigenaar en gebruiker is verplicht de nodige zorgvuldigheid in acht te nemen met
betrekking tot de gemeenschappelijke gedeelten en/of de gemeenschappelijke zaken, ook
wanneer die zaken zich in zijn privégedeelte bevinden; hij dient er voor zorg te dragen
dat de gemeenschappelijke gedeelten en gemeenschappelijke zaken te allen tijde goed
bereikbaar zijn.
- Indien voor het verrichten van een handeling met betrekking tot de gemeenschappelijke
gedeelten of gemeenschappelijke zaken de toegang tot of het gebruik van een privégedeelte
naar het oordeel van het bestuur noodzakelijk is, is iedere desbetreffende eigenaar en
gebruiker verplicht hiertoe zijn toestemming en medewerking te verlenen. Eventuele schade
die hieruit voortvloeit, wordt door de vereniging vergoed. [Zie ook artikel 19 van het huishoudelijk reglement]
- Indien voor het verrichten van een handeling met betrekking tot een privégedeelte de
toegang tot of het gebruik van een ander privégedeelte noodzakelijk is, kan de
toestemming en medewerking van iedere desbetreffende eigenaar en gebruiker met toepassing
van artikel 5:121 van het Burgerlijk Wetboek vervangen worden door een machtiging van
de kantonrechter.
- In het geval dat in een privégedeelte belangrijke schade is ontstaan of dreigt te
ontstaan of gevaar dreigt voor ernstige hinder van de andere eigenaars en gebruikers, is
iedere eigenaar en gebruiker verplicht het bestuur onmiddellijk te waarschuwen en de
nodige maatregelen te nemen.
- Glasschade in of aan een privégedeelte komt voor rekening van iedere betrokken eigenaar
en gebruiker indien en voor zover er geen verzekering bestaat in de zin van artikel 8. Indien en voor zover wel een zodanige verzekering
bestaat, draagt het bestuur zorg voor de reparatie.
Artikel 19
Iedere eigenaar en gebruiker is verplicht de gemeenschappelijke technische installaties
als bedoeld in artikel 9 eerste lid onder b, ook die, welke
later met toestemming of krachtens besluit van de vergadering zijn aangebracht, te
gedogen.
Artikel 20
[Vervangen door artikel 11 van de akte]
Artikel 21
- Alle privégedeelten, met uitzondering van de zich daarin bevindende gemeenschappelijke
gedeelten en/of gemeenschappelijke zaken, zijn voor rekening en risico van de betrokken
eigenaars.
- Het in het eerste lid bepaalde geldt niet voor schade die veroorzaakt is door een
evenement dat buiten de betrokken privégedeelten heeft plaatsgehad. In dat geval komt de
schade voor de eigenaars gezamenlijk, onverminderd hun verhaal op degene die voor de
schade aansprakelijk is.
- Alle zich in het privégedeelte bevindende gemeenschappelijke gedeelten en/of
gemeenschappelijke zaken zijn voor rekening en risico van de eigenaars gezamenlijk,
onverminderd hun verhaal op degene die voor de schade aansprakelijk is.
Artikel 22
- Iedere eigenaar en gebruiker die recht heeft op het gebruik van een privégedeelte, voor
zover bestemd tot tuin, is verplicht deze voor zijn rekening als tuin aan te leggen en te
onderhouden met inachtneming van de besluiten van de vergadering en van het bepaalde in
het huishoudelijk reglement. Hieronder is begrepen het onderhouden en zo nodig vernieuwen
van erfafscheidingen en schuren.
- Titel 4 van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek is op de eigenaars en de gebruikers van
toepassing.
- Het is niet geoorloofd zonder toestemming van de vergadering opgaand hout in de tuin te
hebben, waardoor het uitzicht van de andere eigenaars of gebruikers en het ontvangen van
licht en lucht door de ramen en openingen van het gebouw zouden worden belemmerd. Evenmin
is het geoorloofd zonder deze toestemming auto's, caravans, boten, trailers, tenten en
dergelijke in de tuin te plaatsen.
- Het is evenmin zonder toestemming van de vergadering geoorloofd tegen de muren planten
of heesters te laten opgroeien tot voorbij vijftig centimeter beneden het laagste
raamkozijn van de eerste verdieping van het gebouw.
- De vergadering kan een reeds verleende toestemming intrekken.
Artikel 23
Iedere eigenaar en gebruiker is verplicht alle handelingen na te laten, waardoor schade
kan worden toegebracht aan de belangen van hypotheekhouders en andere beperkt gerechtigden
en hij is verplicht alles te doen wat dienstig kan zijn ter voorkoming van die schade.
H. Het in gebruik geven door een eigenaar van zijn
privégedeelte aan een gebruiker
Artikel 24
- Een eigenaar kan zijn privégedeelte met inbegrip van de gemeenschappelijke gedeelten
en/of de gemeenschappelijke zaken en rechten aan een ander in gebruik geven, mits hij er
voor zorgdraagt dat die ander het gebruik slechts verkrijgt na ondertekening van en
afgifte aan het bestuur van een in tweevoud opgemaakte en gedagtekende verklaring dat hij
de bepalingen van het reglement en het eventuele huishoudelijk reglement, alsmede
eventuele regels als bedoeld in artikel 5:128 van het Burgerlijk Wetboek, voor zover
die op een gebruiker betrekking hebben, zal naleven.
- Van de in het eerste lid bedoelde verklaring behoudt zowel de gebruiker als het bestuur
een exemplaar.
- De in het eerste lid bedoelde verklaring zal geacht worden ook betrekking te hebben op
besluiten en bepalingen die eerst na die verklaring worden genomen respectievelijk
vastgesteld, tenzij een beroep op die besluiten en bepalingen jegens de gebruiker in
strijd zou zijn met de redelijkheid en billijkheid.
- Het bestuur zal de gebruiker van iedere aanvulling of verandering van het reglement of
het eventuele huishoudelijk reglement, alsmede van eventuele regels als bedoeld in artikel
5:128 van het Burgerlijk Wetboek, op de hoogte stellen.
- Niettegenstaande de ingebruikgeving van een privégedeelte aan een ander, blijft de
eigenaar aansprakelijk voor de verplichtingen die uit het reglement voortvloeien. De
eigenaar en de gebruiker kunnen gezamenlijk schriftelijk aan het bestuur mededelen dat de
door de eigenaar verschuldigde definitieve en voorschotbijdragen door de gebruiker zullen
worden voldaan.
Artikel 25
- Het bestuur kan te allen tijde verlangen dat de gebruiker zich jegens de vereniging als
borg verbindt voor de eigenaar, en wel voor de betaling van hetgeen laatstgenoemde
ingevolge het reglement aan de vereniging schuldig is of zal worden.
- Voormelde borgtocht zal zich slechts uitstrekken tot verplichtingen van de betrokken
eigenaar die opeisbaar worden na het tijdstip waarop per aangetekende brief door het
bestuur aan de gebruiker is medegedeeld, dat de vereniging van de in het vorige lid
bedoelde bevoegdheid gebruik wenst te maken. Bovendien zal de gebruiker uit hoofde van de
hier bedoelde borgtocht per maand nimmer meer verschuldigd zijn dan een bedrag,
overeenkomende met de geschatte maandelijkse huurwaarde van het desbetreffende
privégedeelte.
Artikel 26
- De eigenaars zijn verplicht er voor zorg te dragen, dat hun privégedeelte niet
betrokken wordt door iemand die de in artikel 24 bedoelde
verklaring niet getekend heeft.
- De gebruiker die zonder de in artikel 24 bedoelde
verklaring getekend te hebben of zonder de in artikel 25
bedoelde verplichting te zijn nagekomen een privégedeelte betrokken heeft dan wel in
gebruik houdt, kan door het bestuur hieruit verwijderd worden en hem kan het gebruik van
de gemeenschappelijke gedeelten en/of de gemeenschappelijke zaken en rechten worden
ontzegd.
- Indien iemand zonder enige titel een privégedeelte betrokken heeft, neemt het bestuur
alle noodzakelijke maatregelen die kunnen leiden tot ontruiming van het privégedeelte.
Het bestuur gaat niet tot ontruiming over dan nadat het de betrokkene tot ontruiming heeft
aangemaand. In dit geval kan aan de betrokkene in ieder geval het gebruik van de
gemeenschappelijke gedeelten en gemeenschappelijke zaken ontzegd worden.
I. Ontzegging van het gebruik van privégedeelten
Artikel 27
- Aan de eigenaar die zelf het recht van gebruik uitoefent en die:
- de bepalingen van het reglement of het eventuele huishoudelijk reglement of de eventuele
regels als bedoeld in artikel 5:128 van het Burgerlijk Wetboek niet nakomt of
overtreedt;
- zich schuldig maakt aan onbehoorlijk gedrag jegens andere eigenaars en/of gebruikers;
- door zijn aanwezigheid in het gebouw aanleiding geeft tot ernstige verstoring van de
rust in het gebouw;
- zijn financiële verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, kan door de
vergadering een waarschuwing worden gegeven dat indien hij ondanks deze waarschuwing
binnen een jaar nadat hij deze heeft ontvangen andermaal een of meer der genoemde
gedragingen verricht of voortzet, de vergadering kan overgaan tot de in het volgende lid
bedoelde maatregel.
- Worden een of meer der in het vorige lid bedoelde gedragingen binnen genoemde termijn
andermaal gepleegd of worden deze voortgezet, dan kan de vergadering besluiten tot
ontzegging van het gebruik van het privégedeelte dat aan de eigenaar toekomt alsmede van
het gebruik van de gemeenschappelijke gedeelten en de gemeenschappelijke zaken en rechten.
- De vergadering besluit niet tot het geven van een waarschuwing of besluit niet tot
ontzegging van het gebruik dan na verhoor of behoorlijke oproeping van de eigenaar. De
oproeping geschiedt tenminste veertien dagen vóór de dag van de vergadering, en wel bij
aangetekende brief met vermelding van de gerezen bezwaren. De eigenaar kan zich ter
vergadering doen vertegenwoordigen of doen bijstaan door een raadsman.
- De in dit artikel bedoelde besluiten moeten worden genomen met een meerderheid van
tenminste twee/derde van de uitgebrachte stemmen, in een vergadering waarin tenminste
twee/derde van het totaal aantal stemmen vertegenwoordigd is. Kan op grond van het in de
vorige zin bepaalde geen geldig besluit worden genomen, dan zal een nieuwe vergadering
worden uitgeschreven. Artikel 38 zesde lid is van
overeenkomstige toepassing.
- De in dit artikel bedoelde besluiten worden door het bestuur bij aangetekende brief
ter kennis van de belanghebbende en van de op zijn appartementsrecht ingeschreven
hypotheekhouders gebracht. De besluiten zullen de gronden vermelden die tot de maatregel
hebben geleid.
- Een besluit tot ontzegging van het hierboven bedoelde gebruik zal niet eerder ten
uitvoer mogen worden gelegd dan na verloop van een maand na verzending van de kennisgeving
als in het vijfde lid bedoeld. Beroep op de rechter ingevolge artikel 5:130 van het
Burgerlijk Wetboek schorst de tenuitvoerlegging van het genomen besluit, tenzij de rechter
anders bepaalt.
- Indien een eigenaar zijn privégedeelte in gebruik heeft gegeven, is het in de vorige
leden bepaalde op de gebruiker van toepassing, wanneer deze een gedraging verricht als
vermeld in het eerste lid, of indien hij niet voldoet aan de financiële verplichtingen
voortvloeiende uit de door hem gestelde borgtocht.
- Indien een ondereigenaar of de gebruiker van diens privégedeelte een gedraging verricht
als bedoeld in het eerste lid, kan de vergadering van eigenaars besluiten dat de
vergadering van ondereigenaars tegenover diegene die de overtreding begaan heeft een
besluit tot ontzegging van het gebruik als in het eerste lid bedoeld zal moeten nemen, in
welk geval de desbetreffende vergadering van ondereigenaars verplicht is een zodanige
maatregel te nemen met toepassing van het in dit artikel bepaalde.
J. Vervreemding van een appartementsrecht
Artikel 28
- Een appartementsrecht kan worden vervreemd. Onder vervreemding valt ook toedeling,
alsmede vestiging van de beperkte rechten van vruchtgebruik, van gebruik en/of bewoning en
van erfpacht.
- Voor de terzake van het vervreemde appartementsrecht verschuldigde voorschotbijdragen en
definitieve bijdragen die in het lopende of in het voorafgaande boekjaar opeisbaar zijn
geworden of nog zullen worden, zijn de vervreemder en de verkrijger hoofdelijk
aansprakelijk.
- Uitsluitend de vervreemder is aansprakelijk voor de extra voorschotbijdragen als bedoeld
in artikel 38 zevende [lees: zesde, zie artikel 12 van de akte] lid, en de definitieve
bijdragen die verschuldigd zijn als gevolg van besluiten van de vergadering als bedoeld in
artikel 38 vijfde lid, die tot stand gekomen zijn in het
tijdvak gedurende hetwelk hij eigenaar was. Hetzelfde geldt voor bijzondere bijdragen
verschuldigd terzake van andere rechtsfeiten, die in voormeld tijdvak hebben plaatsgehad.
- Uitsluitend de verkrijger is aansprakelijk voor verzekeringspremies en de verschuldigde
vergoeding aan het bestuur of administratief beheerder, voor zover deze premie of deze
vergoeding opeisbaar is geworden na de vervreemding.
- Het bestuur draagt zorg dat alle daarvoor in aanmerking komende overeenkomsten op naam
van de verkrijger gesteld worden.
- Het bestuur is bevoegd voor de nakoming van de in het tweede, derde en vierde lid
bedoelde verplichtingen voldoende zekerheid te verlangen.
- Indien de vereniging terzake van de eigendomsovergang een financiële bijdrage
verschuldigd is aan de administratief beheerder, komt deze ten laste van de vervreemder.
- De informatiekosten komen ten laste van de verkrijger.
K. Overtredingen
Artikel 29
- Bij overtreding of niet-nakoming van een der bepalingen van de wet, van het reglement of
van het eventuele huishoudelijk reglement, hetzij door een eigenaar, hetzij door een
gebruiker, zal het bestuur de betrokkene een schriftelijke waarschuwing doen toekomen per
aangetekende brief en hem wijzen op de overtreding of niet-nakoming.
- Indien de betrokkene binnen een maand geen gevolg geeft aan de waarschuwing kan het
bestuur hem een boete opleggen van ten hoogste een bedrag dat door de vergadering voor
zodanige overtredingen of niet-nakoming is bepaald voor elke overtreding of niet-nakoming,
onverminderd de gehoudenheid van de betrokkene tot schadevergoeding, zo daartoe termen
aanwezig zijn, en onverminderd de andere maatregelen, welke de vergadering kan nemen
krachtens de wet of het reglement. [Zie ook artikel 22
van het huishoudelijk reglement]
- De te verbeuren boeten komen ten bate van de vereniging.
- Indien het bedrag van de boete niet tijdig wordt voldaan is artikel
6 eerste lid van toepassing.
- Voor de toepassing van dit artikel wordt een ondereigenaar gelijkgesteld aan een
eigenaar.
L. Oprichting en vaststelling van de statuten van de vereniging
van eigenaars
I. Algemene bepalingen
Artikel 30
- Bij [artikel 13 van] de akte wordt
opgericht een vereniging van eigenaars als bedoeld in artikel 5:112 eerste lid
onder e van het Burgerlijk Wetboek.
- De naam van de vereniging en de gemeente waar zij haar zetel heeft worden in de [artikel 14 van] de akte bepaald.
- De vereniging heeft ten doel het behartigen van de gemeenschappelijke belangen van de
eigenaars.
Artikel 31
De middelen van de vereniging worden gevormd door de bijdragen door de eigenaars
verschuldigd overeenkomstig de bepalingen van het reglement, alsmede door andere baten.
Artikel 32
- Er kan krachtens besluit van de vergadering een reservefonds worden gevormd, ter
bestrijding van andere kosten dan bedoeld in artikel 4
eerste lid tweede zin. Aan dat fonds zal geen andere bestemming worden gegeven tenzij
krachtens besluit van de vergadering met overeenkomstige toepassing van het bepaalde in artikel 38 vijfde lid, dan wel na opheffing van de splitsing.
De bijdragen tot het reservefonds worden gerekend tot de gezamenlijke schulden en kosten
als bedoeld in artikel 5 eerste lid.
- De gelden van het reservefonds worden krachtens besluit van de vergadering gedeponeerd
op een afzonderlijke bankrekening ten name van de vereniging.
- Over de in het vorige lid bedoelde gelden kan slechts door de voorzitter van de
vergadering en één van de eigenaars, die daartoe door de vergadering zal worden
aangewezen, en na bekomen machtiging daartoe van de vergadering, worden beschikt.
- De vergadering zal kunnen besluiten tot belegging van de geldmiddelen van het
reservefonds, welke belegging echter niet anders zal mogen geschieden dan op de wijze als
aangegeven in de Beleggingswet.
- De waardepapieren zullen moeten worden bewaard op de wijze als door de vergadering
bepaald.
II. Vergadering van eigenaars
Artikel 33
- De vergaderingen van eigenaars worden gehouden op een door het bestuur vast te stellen
plaats.
- Jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar wordt een vergadering gehouden,
waarin, in overeenstemming met artikel 4 eerste lid, door
het bestuur de exploitatierekening over het afgelopen boekjaar wordt voorgelegd die door
de vergadering moet worden vastgesteld voor de bepaling van de definitieve bijdrage door
iedere eigenaar. In deze of een eerdere vergadering wordt tevens de begroting vastgesteld
voor het aangevangen of het komende boekjaar.
- Vergaderingen worden voorts gehouden zo dikwijls het bestuur of de voorzitter van de
vergadering zulks nodig acht, alsmede indien een aantal eigenaars dat tenminste tien
procent van het aantal stemmen kan uitbrengen zulks schriftelijk verzoekt aan het bestuur.
- Indien een door eigenaars verlangde vergadering niet door het bestuur wordt
bijeengeroepen op een zodanige termijn, dat de verlangde vergadering binnen één maand na
binnenkomen van het verzoek wordt gehouden, zijn de verzoekers bevoegd zelf een
vergadering bijeen te roepen met inachtneming van dit reglement.
- Door de vergadering wordt al dan niet uit de eigenaars een voorzitter benoemd. Voor de
eerste maal kan de benoeming van de voorzitter bij de akte geschieden. Tenzij bij de
benoeming anders is bepaald wordt de voorzitter voor onbepaalde tijd benoemd. Hij kan te
allen tijde door de vergadering worden ontslagen.
- De voorzitter is belast met de leiding van de vergadering; bij zijn afwezigheid voorziet
de vergadering zelf in haar leiding.
- Indien het bestuur uit meer dan een persoon bestaat, kunnen de functies van voorzitter
van het bestuur en voorzitter van de vergadering in één persoon verenigd zijn. In dat
geval zullen alle bepalingen in dit reglement of een eventueel huishoudelijk reglement
welke een machtiging van het bestuur door de voorzitter van de vergadering voorschrijven
voor niet-geschreven worden gehouden.
- De oproeping ter vergadering vindt plaats met een termijn van tenminste vijftien dagen
de dag van oproeping en van vergadering daaronder niet medegerekend en wordt
verzonden naar de werkelijke of, in overeenstemming met artikel 1:15 van het
Burgerlijk Wetboek, de gekozen woonplaats van de eigenaars; zij bevat de opgave van de
punten der agenda alsmede de plaats en het tijdstip van de vergadering.
- De aanwezigheid ter vergadering blijkt uit de vóór de aanvang van de vergadering
ondertekende presentielijst.
Artikel 34
- Stemgerechtigd zijn de eigenaars, onverminderd het bepaalde in artikel 5:123 derde
lid van het Burgerlijk Wetboek.
- Het totaal aantal stemmen en het aantal stemmen dat ieder der eigenaars kan uitbrengen
worden in [artikel 15 van] de akte
bepaald.
- In geval van ondersplitsing zal het stemrecht dat aan het in de ondersplitsing betrokken
appartementsrecht toekomt, worden uitgebracht op de wijze en in de verhouding zoals bij de
ondersplitsing is bepaald, met dien verstande dat de onderlinge verhouding tussen het
stemrecht verbonden aan het ondergesplitste appartementsrecht en de andere
appartementsrechten niet gewijzigd wordt. De vergadering kan in geval van ondersplitsing
besluiten het aantal uit te brengen stemmen te verveelvoudigen, doch slechts onder
handhaving van de onderlinge stemverhouding tussen de eigenaars als in de akte is bepaald.
De stemmen voor het in de ondersplitsing betrokken appartementsrecht behoeven niet
eensluidend te worden uitgebracht. Bij de ondersplitsing wordt tevens geregeld wie ter
vergadering het stemrecht voor het betrokken appartementsrecht uitoefent.
Artikel 35
- Indien een appartementsrecht, anders dan ingeval van ondersplitsing, aan meer eigenaars
toekomt zullen dezen hun stemrecht in de vergadering slechts kunnen uitoefenen door middel
van één hunner of van een derde, daartoe schriftelijk aangewezen.
- Indien zij over hun vertegenwoordiging ter vergadering niet tot overeenstemming kunnen
komen, is de meest gerede hunner bevoegd de kantonrechter te verzoeken een derde aan te
wijzen als vertegenwoordiger.
Artikel 36
Ieder der eigenaars is bevoegd, hetzij in persoon, hetzij bij een schriftelijke
gevolmachtigde al dan niet lid van de vereniging, de vergadering bij te wonen, daarin het
woord te voeren en het stemrecht uit te oefenen, wat dit laatste betreft met inachtneming
van het bepaalde in artikel 34 derde lid en artikel 35 eerste lid. [Zie artikel 16 van de akte]
Artikel 37
- Alle besluiten waarvoor in dit reglement of krachtens de wet geen afwijkende regeling is
voorgeschreven worden genomen met volstrekte meerderheid der uitgebrachte stemmen.
- Bij staking van stemmen over zaken wordt het voorstel geacht te zijn verworpen. Indien
bij stemming over personen geen hunner de volstrekte meerderheid der uitgebrachte stemmen
verkrijgt, wordt herstemd tussen de twee personen, die de meeste stemmen op zich verenigd
hebben. Indien meer dan twee personen de meeste stemmen verkregen hebben, wordt door
loting uitgemaakt, welke twee van hen voor herstemming in aanmerking komen. Indien het
grootste aantal stemmen slechts door één persoon is verkregen, zal worden herstemd
tussen die persoon en een persoon die een aantal stemmen verkregen heeft welk het dichtst
bij het grootste aantal stemmen ligt, en indien meer personen in dit laatste geval
verkeren, zal door het lot worden beslist, wie van hen voor herstemming in aanmerking
komt. Bij deze tweede stemming is alsdan gekozen hij, die de meeste stemmen op zich
verenigd heeft, terwijl ingeval bij deze tweede stemming de stemmen staken het lot
beslist.
- Blanco stemmen zijn slechts van betekenis ter bepaling van het quorum.
- Met een besluit van de vergadering staat gelijk een voorstel, waarmede alle eigenaars
schriftelijk hun instemming hebben betuigd.
- In een vergadering, waarin minder dan de helft van het in artikel
34 tweede lid bedoelde totaal aantal stemmen kan worden uitgebracht, kan geen geldig
besluit worden genomen, tenzij het besluiten betreft met betrekking tot posten die door de
vergadering overeenkomstig artikel 5 eerste lid en artikel 33 tweede lid op de jaarlijkse begroting zijn
geplaatst, voor zover deze posten met niet meer dan tien procent worden overschreden, of
met betrekking tot uitgaven waarvoor een speciale reserve is gevormd. Kan op grond van het
in de vorige zin bepaalde geen geldig besluit worden genomen, dan zal een nieuwe
vergadering worden uitgeschreven. Artikel 38 zesde lid is
van overeenkomstige toepassing.
Artikel 38
- De vergadering beslist over het beheer van de gemeenschappelijke gedeelten en de
gemeenschappelijke zaken en rechten, voor zover de beslissing hierover niet aan het
bestuur toekomt.
- De beslissing over het onderhoud van de gemeenschappelijke gedeelten en de
gemeenschappelijke zaken berust bij het bestuur. Het bestuur kan echter geen
onderhoudswerkzaamheden opdragen die een bedrag dat door de vergadering zal worden
vastgesteld te boven gaan, tenzij het daartoe vooraf door de vergadering is gemachtigd. [Zie artikel 17 van de akte]
- De vergadering beslist over de kleur van het buitenverfwerk alsmede over de kleur van
dat gedeelte van het binnenverfwerk hetwelk moet geschieden aan de gemeenschappelijke
gedeelten en de gemeenschappelijke zaken voor zover deze zich niet in de privégedeelten
bevinden.
- Iedere eigenaar en gebruiker is verplicht zijn medewerking te verlenen aan de uitvoering
van de besluiten der vergadering, voor zover dit redelijkerwijze van hem verlangd kan
worden. Lijdt hij als gevolg hiervan schade dan wordt deze hem door de vereniging vergoed.
- Besluiten door de vergadering tot het doen van buiten het onderhoud vallende uitgaven
die een totaal door de vergadering vast te stellen bedrag te boven gaan, kunnen slechts
worden genomen met een meerderheid van tenminste twee/derde van het aantal uitgebrachte
stemmen in een vergadering, waarin een aantal eigenaars tegenwoordig of vertegenwoordigd
is, dat tenminste twee/derde van het totaal aantal stemmen kan uitbrengen. In een
vergadering, waarin minder dan twee/derde van het in de vorige zin bedoelde maximum aantal
stemmen kan worden uitgebracht, kan geen geldig besluit worden genomen. [Zie artikel 18 van de akte]
- In het in de laatste zin van het vorige lid bedoelde geval zal een nieuwe vergadering
worden uitgeschreven, te houden niet vroeger dan twee en niet later dan zes weken na de
eerste. In de oproep tot deze vergadering zal mededeling worden gedaan dat de komende
vergadering een tweede vergadering is als bedoeld in dit artikel. In deze vergadering zal
over de aanhangige onderwerpen een besluit kunnen worden genomen ongeacht het aantal
stemmen, dat ter vergadering kan worden uitgebracht.
- Indien door de vergadering overeenkomstig het in het vijfde of het zesde lid bepaalde
tot het doen van een uitgave wordt besloten, wordt tevens de extra voorschotbijdrage
bepaald, welke door het bestuur te dier zake van de eigenaars kan worden gevorderd. De
uitvoering van zodanige besluiten kan eerst geschieden wanneer de voor de uitvoering
benodigde gelden in de kas van de vereniging gereserveerd zijn.
- Het in het vijfde lid en zesde lid bepaalde geldt eveneens voor besluiten tot verbouwing
of voor besluiten tot het aanbrengen van nieuwe installaties of tot het wegbreken van
bestaande installaties, voor zover deze niet als een uitvloeisel van het onderhoud zijn te
beschouwen. De eigenaar die van zodanige maatregel geen voordeel trekt is niet verplicht
in de kosten hiervan bij te dragen.
- Op besluiten van de vergadering van eigenaars als bedoeld in artikel 5:131 vierde
lid van het Burgerlijk Wetboek is het in het vijfde lid bepaalde van overeenkomstige
toepassing.
Artikel 39
- Tot het aangaan van overeenkomsten waaruit regelmatig terugkerende verplichtingen die
zich over een langere periode dan een jaar uitstrekken voortvloeien, kan slechts door de
vergadering worden besloten, voor zover de mogelijkheid hiertoe uit het reglement blijkt.
- Het onder het eerste lid bepaalde is niet van toepassing op overeenkomsten die
betrekking hebben op het administratief beheer of op het technisch beheer en onderhoud.
Artikel 40
- Van het verhandelde in de vergadering worden, tenzij hiervan een notarieel
proces-verbaal wordt opgemaakt, onderhandse notulen gehouden, welke worden vastgesteld in
dezelfde of de eerstvolgende vergadering en als blijk daarvan door de voorzitter worden
ondertekend.
- Iedere eigenaar kan te allen tijde inzage van de notulen verlangen.
III. Bestuur van de vereniging
Artikel 41
- Het bestuur berust bij één of meer bestuurders, die al dan niet uit de eigenaars door
de vergadering worden benoemd. In het geval dat er meer bestuurders zijn, benoemen zij
één hunner tot voorzitter van het bestuur. Tevens benoemen zij een secretaris en een
penningmeester uit hun midden; beide functies kunnen in één persoon verenigd worden.
- De bestuurders worden benoemd voor onbepaalde tijd en kunnen te allen tijde worden
ontslagen.
- Het bestuur beheert de middelen van de vereniging, waaronder begrepen de gelden
gereserveerd voor het periodiek onderhoud en de noodzakelijke vernieuwingen als bedoeld in
artikel 4 eerste lid, onverminderd het bepaalde in artikel 32. De vergadering kan regels vaststellen met
betrekking tot het beheer van middelen van de vereniging. De vergadering kan besluiten de
administratie waaronder dient te worden verstaan het incasseren van alle
ontvangsten en het doen van alle uitgaven, het voeren van de boekhouding in de meest
uitgebreide zin en het verstrekken van de nodige specificaties en opgaven aan de eigenaars
en het bestuur, zoals een en ander nader zal worden geregeld in de desbetreffende
overeenkomst op te dragen aan een door haar aan te wijzen administratief beheerder
en onder de voorwaarden als door haar met die beheerder zullen worden overeengekomen.
- Het bestuur behoeft de machtiging van de vergadering voor het instellen van en berusten
in rechtsvorderingen en het aangaan van dadingen, alsmede voor het verrichten van
rechtshandelingen en het geven van kwijtingen een belang van een nader door de vergadering
vast te stellen bedrag te boven gaande. Het bestuur behoeft geen machtiging om in een
geding verweer te voeren en voor het nemen van conservatoire maatregelen. [Zie artikel 20 van de akte]
- Voor zover in verband met de omstandigheden het nemen van spoedeisende maatregelen welke
uit een normaal beheer kunnen voortvloeien noodzakelijk is, is het bestuur zonder opdracht
van de vergadering hiertoe bevoegd, met dien verstande dat het voor het aangaan van
verbintenissen een belang van een nader door de vergadering vast te stellen bedrag te
boven gaande de machtiging nodig heeft van de voorzitter van de vergadering. [Zie artikel 21 van de akte]
- Het bestuur is verplicht aan iedere eigenaar alle inlichtingen te verstrekken
betreffende de administratie van het gebouw en het beheer van de fondsen welke die
eigenaar mocht verlangen en hem op zijn verzoek inzage te verstrekken van alle op die
administratie en dat beheer betrekking hebbende boeken, registers en bescheiden; het houdt
de eigenaars op de hoogte van het adres en het telefoonnummer van het bestuur.
- Het bestuur dient te bestaan uit een oneven aantal personen. Indien het bestuur uit meer
dan een bestuurslid bestaat, besluit het bestuur bij volstrekte meerderheid van de
uitgebrachte stemmen in een bestuursvergadering, waarin alle bestuursleden aanwezig of
schriftelijk vertegenwoordigd zijn. Artikel 38 zesde lid is
van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de nieuwe vergadering niet vroeger
dan een week na de eerste kan worden gehouden.
Artikel 42
Het bestuur legt een register aan van eigenaars en gebruikers.
Na kennisgeving als bedoeld in de artikelen 5:122 tweede lid en 5:123 vierde lid van
het Burgerlijk Wetboek en na ontvangst van de verklaring als bedoeld in artikel 24 eerste lid wordt het register door het bestuur
bijgewerkt.
[Zie ook artikel 19 van het
huishoudelijk reglement]
Artikel 43
Het bestuur is verplicht de kasmiddelen van de vereniging te plaatsen bij een bank op
een rekening ten name van de vereniging.
M. Huishoudelijk reglement
Artikel 44
- De vergadering kan een huishoudelijk reglement vaststellen ter
regeling van de volgende onderwerpen:
- het gebruik van de gemeenschappelijke gedeelten en de gemeenschappelijke zaken; de
regels als bedoeld in artikel 5:128 van het Burgerlijk Wetboek moeten in het
huishoudelijk reglement worden opgenomen en daarvan deel uitmaken;
- het gebruik van privégedeelten;
- de orde van de vergadering;
- de instructie aan het bestuur;
- al hetgeen overigens naar het oordeel van de vergadering regeling behoeft; alles voor
zover dit niet reeds in het reglement is geregeld. Bepalingen in het huishoudelijk
reglement die in strijd zijn met de wet of het reglement worden voor niet-geschreven
gehouden.
- Het huishoudelijk reglement kan door de vergadering slechts worden vastgesteld,
gewijzigd en aangevuld met een meerderheid van tenminste twee/derde van het aantal
uitgebrachte stemmen in een vergadering waarin een aantal eigenaars tegenwoordig of
vertegenwoordigd is dat tenminste twee/derde van het totaal aantal stemmen kan uitbrengen.
Kan op grond van het in de vorige zin bepaalde geen geldig besluit worden genomen, dan zal
een nieuwe vergadering worden uitgeschreven. Artikel 38
zesde lid is van overeenkomstige toepassing.
- Bij vervreemding van een appartementsrecht is de verkrijger die het privégedeelte zelf
in gebruik wil nemen verplicht een verklaring te tekenen dat hij de bepalingen van het
huishoudelijk reglement zal naleven.
N. Slotbepaling
Artikel 45
Al het vorenstaande geldt voor zover bij de akte niet anders is
bepaald.
[Annex 1 weggelaten, zie artikel 24 van de akte]
Colofon
De teksten van de bepalingen zijn verbatim gekopieerd uit het modelreglement,
behoudens het volgende:
- De teksten zijn overgenomen uit de elektronische versie van
het modelreglement 1992 zoals beschikbaar gesteld door de Vereniging Eigen Huis op haar website. Deze versie
wijkt op enkele punten af van het modelreglement in de vorm van het gele
boekje (zie afbeelding).
- Tekst tussen vierkante haken [ ] betreft weglatingen dan wel toevoegingen omwille
van de leesbaarheid. De meeste zulke toevoegingen zijn verwijzingen naar de akte of het huishoudelijk reglement.
- Wijzigingen die uitsluitend de opmaak van de tekst betreffen (bijvoorbeeld
hyperlinks), zijn niet als zodanig aangegeven.
- De inhoudsopgave is een toevoeging; dit is niet expliciet
aangegeven.
- De spelling is aangepast aan de spellingwijziging 1995; dit is niet expliciet aangegeven.
Zie de akte voor de plaats waar het origineel van het
modelreglement (akte van 2 januari 1992) berust.